Persquotes

PERSQUOTES
SEULE Truus Bronkhorst

Theaterkrant.nl (***), 12 april 2012, Jacq Algra
Er is inderdaad maar één Truus
‘Wie de naam Truus hoort, weet: dat is Bronkhorst. Een soortnaam werd het voor persoonlijke en intense dans. Je schrikt niet als je de flyer van haar nieuwe voorstelling ziet: een vermoord personage uit een film noir. Indringende beelden van de legendarische solo’s die ze vanaf de jaren tachtig presenteerde doemen op. Truus alleen op het toneel, dat komt goed. Samen met jonge dansstudenten, bijzonder.’

‘Daar staat ze dan. Opnieuw op het podium. Alleen. In een zwarte glanzende korte onderjurk met spaghettibandjes. Kort, grijs haar. Goed getraind lichaam en geest. Maar vooral: die doordringende ogen. Ze magnetiseert je, neemt je mee, zoals we van haar gewend zijn.’

NRC(****), 13-4-2012, Francine van der Wiel
Truus is terug met heldere dans
‘Truus. Achternaam niet nodig.’
Als ze één ding bewijst, is het dat zij met haar zestig jaar nog steeds een uitgesproken performer is. Hoe concreter de beweging, des te beter die haar staat.

Volkskrant(***), 14 april 2012, Mirjam van der Linden
Erbarmen voor mooie danseres
Icoon van dans maakt nieuw programma met autonome waarde
‘Bronkhorst, dat is expressionistische dans, emotioneel, uitgesproken, rauw, provocatief, niet wars van symboliek en melodrama, maar ook vol humor en ironie. Gelukkig gebeurt er wat er moet gebeuren: het programma Seule dat ze in samenwerking met de dansstudentes van Fontys Hogeschool voor de Kunsten in Tilburg maakte, trektje in het hier en nu en blijkt een autonome waarde te hebben.’

Trouw, 14-4-2012, Sander Hiskemuller
Bronkhorst is terug: een jeugdige en reikhalzende sprankeling.
‘Die samenwerking met de jonge generatie blijkt cruciaal in Seule want het geeft de intense dans van veteraan Bronkhorst (1951) – grijs rattenkopje, zwart onderjurkje op een door dans verhard lichaam – een jeugdige en reikhalzende sprankeling.’
‘Toch is Seule ook wat tragisch. Pezige armen reiken uit naar haar publiek, om zichzelf daarna troostrijk te omarmen. In een scène beschimpt Bronkhorst zichzelf. Een danseres die tegen de klippen op danst, knokt voor haar kunst, bang is voor vergetelheid. En ze ís er weer.’